Beheersing aardappelmoeheid in veenkoloniën

Telers van zetmeelaardappelen in de Veenkoloniën moeten op een perceel minimaal twee à drie keer achter elkaar hetzelfde ras telen. Als het aantal besmettingen met aardappelmoeheid stijgt, kunnen ze op basis van grondmonsters en een rassenkeuzetoets een ander ras kiezen. Volgens het HLB is dit de beste wijze om het probleem het hoofd te bieden.

Afwisselen van AM-resistente rassen gaf een goed effect in dalende populaties en toenemende rasresistenties. Na 2010 stopt dit effect en dalen de populaties niet meer. Meer en meer worden op hoogresistente rassen nieuwe cysten gevormd', zegt adviseur Egbert Schepel van het HLB in Wijster. 'Door het aantal rassen te beperken, is de AM-besmetting smal te houden. Bij een oplopende besmetting blijven er rassen over die dan zijn te telen.' [...]

> Lees het volledige artikel (door redacteur akker- & tuinbouw Han Reindsen) op de website van Nieuwe Oogst. 

Overige berichten

Inundatie zeer effectief tegen chitwoodi-aaltje

Inundatie doodt op lichte gronden nagenoeg 100% van M. chitwoodi-aaltjes, zowel in het laboratorium als in de praktijk. Dit concluderen onderzoekers van...
Lees meer

Areaal besmet met aardappelmoeheid afgelopen jaren stabiel in Nederland

In de publicatie van het vakblad Boerderij van februari 2020 werd redactionele aandacht gegeven aan quarantaineziekten in de aardappelsector. Uit...
Lees meer

Alertheid blijft geboden om aardappelmoeheid tegen te gaan

Aardappelmoeheid (AM) was begin jaren negentig een heel groot probleem in de Nederlandse akkerbouw. Beperkingen aan natte grondontsmetting maakten de bestrijding...
Lees meer